De hond die liefde probeerde te ruilen
Ik stond druipnat in het asiel, met een plan dat zo praktisch klonk dat het bijna harteloos was: een jonge pup, zonder verleden, zonder gedoe. Maar in hok 41 keek een grote hond mij niet eens aan—hij kwam terug met een kapotte pluchen vos en duwde die tegen het hek, alsof hij iets wou afspreken. Drie jaar later ligt hij als een koning op mijn zetel, en toch is het diezelfde versleten vos die hij elke nacht vasthoudt, niet meer om te onderhandelen, maar omdat hij eindelijk thuis is.