“Maar tien dagen,” zei hij — het kleine grijze hondje dat ons huwelijk stilletjes herschreef

“Niet nog een hond, Els. Echt niet.” Mijn stem trilde terwijl ik de foto op mijn gsm omhooghield, en toch voelde ik al dat ik niet meer terug kon. We hadden al twee honden en een kat, en ons huis in Mechelen zat vol — niet alleen met dieren, maar met onuitgesproken ergernissen en vermoeidheid. Het zou maar tien dagen zijn, zei hij, alsof je liefde kon afmeten met een kalender. En toen kwam Milo binnen, met een gehechte buik en ogen die te groot leken voor zo’n klein lijf, en ik zag hoe ons ‘tijdelijk’ plan meteen begon te lekken.